Aantal gelovigen daalt iets: in Friesland noemt 38% van de inwoners zich gelovig
Het aandeel mensen dat zegt bij een kerkelijke stroming of levensbeschouwelijke groepering te horen, is na een lichte stijging weer iets gedaald. Limburg is de enige provincie waar meer dan de helft van de mensen zich nog tot een geloof rekent. In Friesland noemt 38% van de inwoners zich gelovig. Dit blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
In 2025 zei 42 procent van de bevolking van 15 jaar en ouder zich tot een geloof te rekenen. 16 procent noemt zichzelf rooms-katholiek, 12 procent protestant, 6 procent moslim en 7 procent had een ander geloof. Er rekenen zich iets minder mensen tot een geloof dan in 2024 (44 procent). Op langere termijn is het aandeel gelovigen afgenomen. In 2010 zei nog 55 procent bij een kerkelijke of religieuze groep te horen.
Limburg is de enige provincie waar de meerderheid zich nog tot een geloof rekent: gemiddeld 58 procent van 2021 tot en met 2025. In Groningen (33,7%) en Drenthe (33,5%) is het aandeel gelovigen het laagst.
Van 2016 tot en met 2020 waren er nog vier provincies waar een meerderheid van de bevolking zich tot een geloof rekende: Limburg, Noord-Brabant, Gelderland en Overijssel. In Limburg daalt het aandeel gelovigen wel: van 2016 tot en met 2020 rekende nog 67 procent van de Limburgers zich tot een geloof. Ook in Noord-Brabant neemt het aandeel gelovigen snel af: van 57 naar 47 procent.
Protestanten vaker in de kerk te vinden dan katholieken
In 2025 bezocht 13 procent van de bevolking van 15 jaar en ouder minimaal één keer per maand een bijeenkomst in een kerk, moskee, synagoge, tempel of een ander gebedshuis. Dat is de laatste jaren vrijwel gelijk gebleven.
Van de rooms-katholieken gaat 14 procent maandelijks naar de kerk, bij protestanten is dat 53 procent. Van de moslims bezoekt 48 procent regelmatig de moskee.
Terwijl de Limburgers zich het vaakst tot een geloof rekenen, gaan de Zeeuwen het vaakst naar de kerk. Van de Zeeuwen bezoekt 18 procent regelmatig een kerk, moskee of ander gebedshuis. In Limburg is dat 8 procent.
Vooral vrouwen van 75-plus vaker religieus
Ouderen rekenen zich vaker tot een kerk of geloofsgroep dan jongeren. In 2025 was 30 procent van de 18- tot 25-jarigen gelovig, onder 75-plussers was dat 59 procent. Van de 65- tot 75-jarigen is 49 procent gelovig, een jaar eerder was nog een meerderheid van hen gelovig. Van de 15- tot 18-jarigen rekent 42 procent zich tot een geloofsgroep.
Vrouwen behoren met 45 procent vaker tot een geloofsgemeenschap dan mannen met 40 procent. Dat verschil is het grootst onder 75-plussers: 64 procent van de vrouwen tegenover 54 procent van de mannen.



