Nieuwe KNKB-directeur wil imago kaatssport oppoetsen: “Er wordt meer gekaatst dan we denken”

Nieuwe KNKB-directeur wil imago kaatssport oppoetsen: “Er wordt meer gekaatst dan we denken”
Dirk Jan van der Woud © Omrop Fryslân

Hij wil het nog niet over zijn plannen voor de kaatssport hebben, maar Dirk Jan van der Woud kan bijna niet wachten om te beginnen als nieuwe directeur van de KNKB. “Kaatsen is prachtig werk, dat moet positief op de kaart staan.”


DOOR SYBRAND GRASDIJK

Van der Woud (52), een keer winnaar van de PC, zat in zijn actieve carrière al in verschillende besturen. Zo was hij bijvoorbeeld waarnemend voorzitter van de Vereniging van Kaatsers (VVK), een soort van vakbond binnen het kaatsen.
De VVK kwam op voor de belangen van kaatsers en verdeelde sponsorgelden. “In die tijd had ik het dus al over budgetten. We kregen centen, maar dat moest goed verdeeld worden over de kaatsers, niet alleen de parturen die altijd om de prijzen meedingen. Dat was prachtig om te doen.”
In de jaren na zijn carrière was Van der Woud onder andere actief als trainer, voorzitter van de commerciële tak van de KNKB en van het PC Selskip. De stap naar KNKB-directeur klinkt daarom logisch. “Ik wil mijn verantwoordelijkheid nemen.”

PC in 2000
Dat deed hij ook op het kaatsveld. Toen hij in 1991 op het hoogste niveau kwam kijken, duurde het nog even voordat de successen kwamen. “Die eerste jaren ging het wat rustig aan, daarna deden we regelmatig mee om de prijzen.”
Uiteindelijk won Van der Woud bijna alle kaatsklassiekers, met als hoogtepunt de wint op de PC in 2000, met zijn vrienden Klaas Berkepas en Klaas Anne Terpstra. “Dat was heel verrassend, ook omdat we in de finale tegen het toppartuur van Pieter van Tuinen moesten. Die hadden het hele jaar al goed gepresteerd, wij hadden maar een wedstrijd gewonnen.”
Volgens Van der Woud hadden 99 van de 100 mensen gezegd dat Van Tuinen de finale zou winnen. “Maar we kaatsten onvoorstelbaar goed, op ons allerbest. Dat was de bekroning van hard werk, energie en tijd.”


Dirk Jan van der Woud in 2008
© Omrop Fryslân

Nederlands kaatskampioen met Goutum
Nadat hij is gestopt met kaatsen op het hoogste niveau, werd Van der Woud nog drie keer Nederlands kaatskampioen met Goutum. “Bij de eerste keer, in 2009, was ik al drie jaar gestopt. Maar ik trainde heel hard, want ik wist dat Daniël Iseger bij ons in de afdeling kwam. Ik wilde altijd graag met hem kaatsen. Dat waren ook hoogtepunten.”
In die tijd was Van der Woud dus ook al bezig om zich op een andere wijze in te zetten voor het kaatsen. Nu bereikt hij, naar eigen zeggen, “het hoogste ambt.”

Gouden kans
Toen bekend werd dat de KNKB op zoek kon naar een nieuwe directeur, nadat Marco Hoekstra na zes jaar stopte, kreeg Van der Woud berichten van allemaal mensen binnen de kaatswereld. “Sponsoren, kaderleden, pers: mensen die weten hoe betrokken ik ben, zeiden dat dit een gouden kans was.”
Dat gevoel had hij zelf ook: “Deze trein kom maar een keer in de zoveel tijd voorbij: En als ik het nu niet doe. krijg ik misschien wel niet meer de kans. Dit voelde als het juiste moment, er is veel werk te verrichten.”
Daarmee doelt hij voornamelijk op, zoals hij het zelf zegt, de beeldvorming. Het gaat volgens Van der Woud niet zo slecht met de kaatssport als weleens gezegd wordt. “Er wordt veel meer gekaatst dan wij denken. Niet meer altijd onder de vlag van de KNKB, maar wel allemaal wilde partijen. Die zijn een groot succes, je ziet dat het kaatsen leeft.”


Dirk Jan van der Woud 
© Eigen foto

Eerst praten
Dat moet ook mooi zo blijven vindt Van der Woud. “Het mooie van die partijen is dat je kaatst wanneer je daar zin in hebt. Mensen willen niet te veel verplichtingen, dat zie je in de hele maatschappij: men wordt makkelijker. Het is voor ons zaak om ze lid te maken van de KNKB. en ik zie wel mogelijkheden.”
Hoe hij dat exact wil aanpakken, daar wil Van der Woud nog niet te veel over kwijt. Hij begint op 1 februari in zijn functie. “Dan moet ik eerst eens met iedereen praten. Mijn voordeel is dat ik wel redelijk weet hoe de hazen lopen. Maar alleen kan ik niet veel, met z’n allen kunnen we een heleboel.”

Deel dit bericht