Leeuwarders scheiden restafval beter, maar dumping blijft probleem
Het nieuwe afvalbeleid in Leeuwarden werpt vruchten af. Dat zegt wethouder Stellingwerf, een half jaar na de invoering van het zogenoemde Diftar-systeem. Wel blijven dumpingen van grof huishoudelijk afval een doorn in het oog.
Inwoners betalen sinds januari dit jaar een variabel tarief voor het ophalen van restafval. Zo betalen Leeuwarders per keer dat ze de sortibak aan de weg zetten of het aantal keer dat ze de ondergrondse container gebruiken.
Dat maakt dat Leeuwarders beter hun restafval scheiden van bijvoorbeeld etensresten en papier dan voorheen, zegt Stellingwerf. Zo gooiden Leeuwarders het eerste half jaar van 2021 nog 109 kilo restafval weg, nu is dat 79,6 kilo.
Tarieven
Doordat het nieuwe beleid goed blijkt te werken, blijven volgend jaar de variabele tarieven zoveel mogelijk gelijk aan dit jaar. Of dat in 2025 zo blijft, kan de wethouder nog niet zeggen, omdat de prijzen afhankelijk zijn van verschillende factoren.
Experiment dumpingen
Wat minder goed gaat, zijn de dumpingen van grof huishoudelijk afval. “Voor veel inwoners een grote bron van ergernis”, zegt de wethouder. Daarom wil het college die dumpingen tegengaan met een proef die dit jaar nog start.
“We zijn voornemens om in een wijk waar veel overlast wordt ervaren van het dumpen van grofvuil, een pilot te starten met een alternatieve manier van het aanbieden van grofvuil”, aldus Stellingwerf.
Nu kunnen Leeuwarders relatief anoniem afval dumpen, waardoor het voor de gemeente lastig is om te handhaven, zegt hij. Daarom wil het college tijdens de pilot grof vuil bij mensen thuis op gaan halen, nadat ze zich daarvoor hebben aangemeld.



