Gemeente Leeuwarden ziet Wmo‑uitgaven fors stijgen
Hulp in de huishouding, een traplift of een rolstoel: 10.340 inwoners van Leeuwarden kregen vorig jaar ondersteuning via de Wmo. De kosten liepen op tot ruim 100 miljoen euro, blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek. In 2022 was dat nog 95 miljoen euro.
De Wmo drukt steeds zwaarder op de begroting van Leeuwarden. De regeling voor onder meer huishoudelijke hulp, trapliften en rolstoelen is de afgelopen jaren fors duurder geworden. Niet omdat er veel meer mensen gebruik van maken, maar vooral omdat de ondersteuning per inwoner duurder is geworden.
Waar de gemeente een paar jaar geleden nog rond de 9.000 euro per cliënt kwijt was, ligt dat bedrag inmiddels boven de 11.000 euro. Het aantal mensen dat Wmo‑hulp krijgt, daalde juist licht. Toch stijgen de totale kosten door.
De meeste inwoners krijgen hulp in de vorm van hulpmiddelen of diensten: denk aan vervoer, rolstoelen of aanpassingen in huis. Daarnaast blijft hulp in de huishouding een grote kostenpost. Een deel van de cliënten krijgt beide vormen van ondersteuning.
Binnen de gemeente zijn grote verschillen. In wijken zoals Bilgaard & Havankpark krijgt een opvallend groot deel van de inwoners Wmo‑hulp — daar gaat het om ongeveer één op de zeven.
Volgens de VNG blijft het aantal Wmo‑cliënten de komende jaren licht dalen, maar blijft de druk op de gemeentelijke begroting hoog.



