22 uur roeien: Leeuwarder sloeproeiers voor grootste uitdaging tot nu toe
Zo’n 160 kilometer roeien, naar verwachting 22 uur onderweg zijn en ook ’s nachts doorgaan. Een groep sloeproeiers van DMRC maakt zich begin september op voor een challenge die geen van hen eerder heeft gedaan. Initiatiefnemer DMRC Noord Bert Schipperijn stapt zelf in de sloep, samen met onder anderen nog drie deelnemers van DMRC team Leeuwarden. En wie na al die uren nog voldoende over heeft, wacht in Rotterdam nóg een krachtmeting.
Op 3 september komen de deelnemers bij elkaar. Niet heel DMRC doet mee aan de challenge. Twee van de zes roeiboten van de organisatie gaan het water op, met daarnaast extra deelnemers, vrijwilligers en ondersteuning.
De ongeveer 160 kilometer lange route wordt als één lange tocht afgelegd. Schipperijn verwacht dat de deelnemers daar zo’n 22 uur voor nodig hebben. Ook wanneer het donker wordt, gaat de tocht door.
Onderweg zijn er checkmomenten in havens. Daar wordt gekeken hoe de sloeproeiers eraan toe zijn en kan, wanneer dat nodig is, worden besloten iemand te wisselen.
“Nog niemand van ons heeft 22 uur non-stop geroeid,” zegt Schipperijn. Voor hemzelf wordt het eveneens de langste aaneengesloten roeitocht die hij tot nu toe heeft gemaakt. Hij maakte eerder wel langere tochten, maar verspreid over meerdere dagen of met wissels.
Langste afstand tot nu toe: 75 kilometer
Schipperijn heeft al ervaring met langere afstanden. Zijn langste afstand in één keer was tot nu toe 75 kilometer op één dag, tijdens een zevendaagse roeitocht van Hamburg naar Esbjerg in Denemarken.
Ook roeide hij de ongeveer 30 kilometer lange HT-race van Harlingen naar Terschelling. Hoewel die afstand korter is, ervoer Schipperijn die als zwaarder, omdat het om een wedstrijd ging.
Het grootste deel van de komende challenge is geen wedstrijd. De tocht is vooral bedoeld om ervaring op te doen met een inspanning die de deelnemers nog niet eerder op deze manier hebben meegemaakt.
Dat is belangrijk met het oog op 2027. De 160 kilometer is een test voor een nog grotere challenge die DMRC dan op zee wil aangaan. De sloeproeiers willen ontdekken hoe zij als team reageren op urenlange inspanning, vermoeidheid en roeien in de nacht.
Schipperijn zit daarbij zelf aan de riemen. Tegelijkertijd wil hij onderweg beelden maken van wat er in de sloep gebeurt.
DMRC verbreedt doelgroep
De challenge valt samen met een nieuwe stap voor DMRC. Waar de organisatie zich oorspronkelijk richtte op (oud-)mariniers, richt DMRC zich nu breder op (oud-) geüniformeerden met PTSS.
Het sloeproeien moet daarmee ook toegankelijk zijn voor mensen uit andere uniformberoepen die met PTSS te maken hebben. Binnen DMRC staan daarbij drie motto’s centraal: verbondenheid, kracht en toewijding.
Eerste echte challenge voor oud-marinier Steffen
Voor Steffen uit Leeuwarden wordt het een bijzondere vuurdoop. De oud-marinier doet voor het eerst mee aan een grote challenge van DMRC. De afgelopen periode heeft hij samen met Schipperijn en het team gewerkt aan zijn roeitechniek.
“Afgelopen woensdag was dat echt al veel beter in het team,” vertelt Schipperijn. “Hij heeft de zenuwen, maar ook enorme zin in zijn eerste echte challenge bij DMRC.”
Buiten de roeisloep werkt Steffen als personal life coach. Volgens Schipperijn helpt hij mensen in Leeuwarden met coaching op het gebied van onder meer sport en voeding.
Veiligheid voorop
Bij een tocht van deze omvang speelt veiligheid een belangrijke rol. Er vaart één volgboot mee met een medisch team en vier wisselroeiers aan boord. Als tijdens een van de checkmomenten blijkt dat iemand beter niet verder kan roeien, kan er worden gewisseld.
Schipperijn wil daarnaast binnen DMRC meer aandacht voor medische veiligheid. Hij verwijst daarbij naar twee sloeproeiers die volgens hem dit jaar tijdens wedstrijden in de Nederlandse sloeproeiwereld zijn overleden. Voor de komende challenge is de volgboot daarom volledig beschikbaar voor de begeleiding en veiligheid van de deelnemers.
En dan nog de Maasrace
Na uren roeien en een nacht op het water voert de challenge uiteindelijk richting Rotterdam. Daar staat ook de 20 kilometer lange Maasrace op het programma. De sloeproeiers die dan nog voldoende fit zijn, gaan volgens Schipperijn als één team verder.
Wie dat na zo’n lange tocht nog kan en wil, valt vooraf moeilijk te voorspellen.
Hoe de nacht verloopt, wanneer de vermoeidheid echt toeslaat en of onderweg sloeproeiers moeten worden gewisseld, weet niemand. Schipperijn probeert vanuit de sloep zelf vast te leggen wat er tijdens die uren gebeurt.
En Steffen? Die begint met de nodige zenuwen aan zijn eerste grote challenge met DMRC.
Hoe hij er na zo’n 160 kilometer bij zit en of hij daarna nóg in de sloep stapt voor de Maasrace? Daar komen we op 5 september achter.



