Na de dood van Lisa: hoe kijken we in Leeuwarden naar asielzoekers en criminaliteit?

Na de dood van Lisa: hoe kijken we in Leeuwarden naar asielzoekers en criminaliteit?
AI-geïllustreerde afbeelding van het debat over asielzoekers, veiligheid en integratie in Leeuwarden

Een Syrische jongen vlucht voor oorlog, verliest onderweg zijn broer en probeert in Leeuwarden een nieuw leven op te bouwen. Tegelijkertijd heeft de recente dood van Lisa de discussie over asielzoekers en criminaliteit opnieuw doen aanwakkeren. Voor de gewelddadige dood van de 17-jarige Lisa uit Abcoude zit een 22-jarige man vast die verbleef in een asielzoekerscentrum. Op straat, op sociale media en in politieke debatten klinkt dezelfde vraag: vormen asielzoekers een veiligheidsprobleem? De meningen zijn vaak scherp en het onderwerp leidt tot toenemende polarisatie. Voor de één zijn vluchtelingen mensen die bescherming zoeken tegen oorlog en geweld. Voor de ander staan zij symbool voor overlast, criminaliteit en een falend migratiebeleid. Wat zeggen de cijfers daadwerkelijk? En hoe ervaren vluchtelingen zelf hun leven in Leeuwarden?

Eerst de cijfers

Van de asielzoekers die in Nederland in een COA-opvanglocatie verblijven, werd in 2023 ongeveer 3,1 procent verdacht van een misdrijf. Dat blijkt uit de jaarlijkse incidentenmonitor van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) en het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC). Bij een gemiddelde bezetting van ongeveer 53.600 bewoners komt dit neer op circa 1.660 personen. Volgens het WODC worden asielzoekers in opvanglocaties relatief vaker als verdachte geregistreerd dan personen in de algemene Nederlandse bevolking. Het instituut benadrukt daarbij dat beide groepen niet rechtstreeks met elkaar kunnen worden vergeleken. Asielzoekers zijn gemiddeld jonger, vaker man en bevinden zich vaker in andere sociale en economische omstandigheden dan de algemene bevolking. De cijfers hebben uitsluitend betrekking op bewoners van COA-opvanglocaties.

Voor vluchtelingen en statushouders die zelfstandig wonen, bestaan geen landelijke criminaliteitscijfers die rechtstreeks vergelijkbaar zijn met de WODC-monitor. Uit onderzoek van het CBS blijkt wel dat sommige groepen vluchtelingen en statushouders relatief vaker als verdachte worden geregistreerd dan personen zonder migratieachtergrond. Tegelijkertijd laten de cijfers zien dat de meerderheid van deze groepen niet als verdachte van een misdrijf wordt geregistreerd. Daarnaast is het aandeel geregistreerde verdachten onder mensen met een migratieachtergrond de afgelopen decennia afgenomen. Syriërs vormen de grootste groep asielzoekers in Nederland. Dat blijkt uit de Staat van Migratie 2025 van de Rijksoverheid. De Syrische burgeroorlog begon in 2011. Hoewel het regime van Bashar al-Assad eind 2024 ten val kwam en de grootschalige oorlog grotendeels voorbij is, heeft Syrië nog altijd te maken met regionale gevechten, economische problemen en veiligheidsrisico’s. Daarom richt dit artikel zich verder op de ervaringen van Syrische asielzoekers.

“Ik ben naar Nederland gevlucht”

Radwan Da vluchtte uit Syrië vanwege de oorlog en zocht asiel in Leeuwarden. Tijdens zijn reis verloor hij zijn broer. “Het verlies van mijn broer was erg pijnlijk. Ik ben naar Nederland gevlucht omdat het hier veiliger was.” De overgang van Syrië naar Leeuwarden was voor hem een grote cultuurschok. Met het verdriet om zijn broer en de angst voor de oorlog probeerde hij tegelijkertijd een nieuw leven op te bouwen. Hij verbleef in een COA-opvanglocatie, waar hij positieve ervaringen aan overhield. “De medewerkers van het COA waren gelukkig erg vriendelijk en behandelden ons goed.” Tijdens zijn verblijf deed Radwan mee aan activiteiten en vrijwilligerswerk. Volgens hem droeg dat bij aan zowel zijn eigen ontwikkeling als de sfeer binnen de opvanglocatie. Inmiddels woont hij zelfstandig in Leeuwarden en probeert hij actief deel te nemen aan de samenleving. Radwan ervoer de omstandigheden in de opvang als positief. Volgens het recente onderzoek Wat hen beweegt van Bureau Beke (2025), naar factoren achter overlastgevend en crimineel gedrag van COA-bewoners, kunnen criminaliteit en overlast verschillende oorzaken hebben. Daarbij spelen niet alleen omstandigheden in opvanglocaties een rol, maar ook individuele factoren zoals stress, onzekerheid, trauma’s en psychische problemen. Vanuit zijn eigen ervaring denkt Radwan dat veel mensen geloven dat er veel criminele asielzoekers zijn. “Maar volgens mij zijn er in elk land goede en slechte mensen. Ik ontken niet dat er ook slechte asielzoekers zijn, maar het beeld dat alle vluchtelingen slecht zijn, klopt niet.”

Een andere blik

Een politieagent, wiens naam bekend is bij de redactie maar om privacyredenen niet wordt gepubliceerd, werkte tussen 2002 en 2019 op straat en kwam daarbij in contact met verdachten uit verschillende groepen binnen de samenleving. Volgens hem is het aantal meldingen waarbij asielzoekers betrokken zijn in sommige delen van Nederland toegenomen. Op basis van zijn ervaringen stelt hij dat asielzoekers naar zijn mening relatief vaak betrokken zijn bij bepaalde vormen van criminaliteit. Hij noemt voorbeelden als winkeldiefstallen, woninginbraken, auto-inbraken en zedenmisdrijven. De agent ziet verschillen tussen groepen asielzoekers uit verschillende regio’s. Volgens hem spelen verschillen in normen, waarden, cultuur en religieuze achtergrond een rol bij bepaalde vormen van criminaliteit. Tegelijkertijd noemt ook hij factoren als trauma’s, stress en onzekerheid. “Niet alle asielzoekers zijn crimineel. Wat wel klopt, is dat de asielzoekers die betrokken zijn bij criminaliteit veelal afkomstig zijn uit het Midden-Oosten.”

Tussen cijfers en ervaringen

Het debat over asielzoekers en criminaliteit kent verschillende perspectieven. Terwijl cijfers inzicht geven in de omvang van geregistreerde verdachten binnen de asielopvang, laten persoonlijke ervaringen zien hoe vluchtelingen hun leven in Nederland opbouwen. Tegelijkertijd wijzen betrokken professionals, zoals politieagenten, op situaties waarin asielzoekers betrokken zijn bij overlast of criminaliteit. Daarmee laat het onderwerp zich niet vatten in één enkel perspectief.

Deel dit bericht