Heeft de antiekwinkel nog toekomst? “Zes kroonluchters, die zou ik nu niet meer willen”
Even langs de meubelboulevard of een ‘Billy’ van IKEA. Veel mensen doen of deden het wel eens. Maar een bezoekje aan een antiekzaak, dat hoor je zelden. Een rondje door Fryslân leert waarom de winkels uit de gratie raken. “Leg je oor te luister bij de jeugd.”
DOOR REDMAR BOSMA
Op antiek in menig winkel stapelt de stoflaag zich op. Men haalt de spullen liever ergens anders vandaan, zo valt af te leiden uit de cijfers van dataspecialist BoldData. Waar er in 2008 nog 1600 antiekwinkels in Nederland waren, daar stopt de teller nu bij 785.
Emmakade Antiek in Leeuwarden weet het hoofd (en schouders) wel boven water te houden. Waar Herman Dolstra en Joke van Houten sinds 1988 de zaak bestieren. Ook Dolstra zag de vraag naar antieke waren veranderen.
Verstandig inkopen
Van essentieel belang is het vernieuwen van de handel, geeft hij aan. Verstandig inkopen. Voor blauw porselein van grootouders is geen belangstelling. Net als meubels van mahonie. “Vroeger verkocht je die voor duizend euro. Nu kom je niet verder dan een paar honderd”, zegt Dolstra.

Spullen van Emmakade Antiek
© Emmakade Antiek
Wat wel verkoopt is aziatica, opgezette beesten, en mooie vazen. “En glas in lood; jaren dertigproducten doen het goed.” Hij houdt scherp in de gaten wat verkoopt. Zo kan hij meebewegen met de trend. Eens in de zoveel tijd lossen producten elkaar dan ook af in de winkel. Zo hebben grote, houten meubels het veld moeten ruimen in Emmakade Antiek. Die kregen een volgend leven in het Oostblok, waar er volgens Dolstra wel belangstelling voor is.
Zijn spullen haalt hij op bij beurzen in België en Frankrijk. “Een kwestie van vroeg aanwezig zijn en punten op je ellenbogen schroeven. Dan heb je de kans om de krenten eruit te vissen.” Wanneer iets gemaakt is, doet volgens Dolstra niet ter zake. “Het gaat erom of het je huis verlevendigt. Dat staat los van het productiejaar.”
Over de afname van het aantal antiekzaken zegt hij: “We zitten in een maatschappij waarbij iedereen zichzelf zakelijk moet kunnen redden. Als dat niet lukt, moet je wat anders bedenken.”
Royal Albert
In Grou, bij It Poartehûs, zijn weer andere spullen in trek. Bollampen uit de jaren zestig en zeventig. Of ’tuttige’ koppen en schotels van Royal Albert. “Leg je oor te luister bij de jeugd”, adviseert Meike Nienhuis, die er 22 jaar eigenaar is.

Meike Nienhuis van It Poartehûs in Grou
© It Poartehûs
“Rages veranderen. Twintig jaar terug had ik hier zes kroonluchters hangen. Maar die zou ik nu niet meer willen. Al zouden ze gratis zijn.” Ook niet verstandig: “Een Biedermeier stoel met een tafel met een poot met een karafje erop. Je kan het in je winkel zetten, maar dan loop je achter en verkoop je niets.”
Nienhuis noemt het sneu dat veel antiekzaken ter ziele gaan. Ze vertelt dat er in Grou elf waren toen ze pas begon. Nu zijn er nog drie over. Een enkeling werd pensionado, maar de meesten gingen volgens haar niet mee met de tijd en gingen kopje onder. Ze stapten uit het wereldje, of boden hun waren aan op de beurs.



