Stinkdieren voor het hek: kinderboerderij in Leeuwarden maakt gekke dingen mee
Schaam je niet en zoek hulp. Dat is de oproep van Germ Reitsma van de kinderboerderij in Leeuwarden. Uit onderzoek blijkt dat er veel dieren bij kinderboerderijen worden gedumpt. Dat is niet nodig, vindt Reitsma.
Stichting DierenLot en Kinderboerderijen Actief hebben in het afgelopen jaar een inventarisatie gedaan bij tientallen kinderboerderijen in het land. Het blijkt dat mensen daar veel konijnen, kippen en cavia’s achterlaten.
Dat terwijl het dumpen van dieren vaak geen nut heeft, want die gedumpte huisdieren blijven maar zelden op de kinderboerderij. Een schatting is dat er in het afgelopen jaar zo’n 1.110 dieren gedumpt zijn in Nederland. Dat nog naast de 18.500 verzoeken die door particulieren zijn gedaan om hun dieren onder te brengen.
Oproep: zoek hulp
De oproep van de initiatiefnemers is om contact op te nemen met dierenopvangcentra, als mensen niet meer voor hun dieren willen of kunnen zorgen. Dat is ook het verzoek van Germ Reitsma van Kinderboerderij Leeuwarden.
Soms is het heel logisch dat het zover komt, zegt hij. “Je wilt kinderen bijvoorbeeld wat leren over het verzorgen van dieren, maar op een gegeven moment houdt het op. Dat kan gebeuren.”
Ouders geven de kinderen bijvoorbeeld een konijn als ze klein zijn. “Maar op een gegeven moment zijn ze 14 jaar en kijken ze er niet meer naar om. De ouders moeten er dan voor zorgen, maar zij hebben er ook genoeg van. Dan willen ze het konijn wegdoen, maar durven ze daar ook niet echt voor uit te komen.”
Dat is niet nodig, vindt Reitsma. “Daar hoeven mensen zich niet voor te schamen. Neem dan contact op en probeer tot een oplossing te komen. Vaak lukt zoiets wel.”
Schaamte en smoesjes
Reitsma merkt dat mensen met smoesjes komen. “Er worden wel dingen bedacht, dat mensen een allergie hebben bijvoorbeeld. Maar mensen moeten er niet zo’n raar gevoel over hebben. Bel gewoon en kijk wat je voor elkaar kunt betekenen. Dan kun je veel ellende voorkomen.”
Zelf heeft zijn kinderboerderij – gelukkig – niet veel last meer van gedumpte dieren. “Dat gebeurde eerder meer dan nu, maar dat komt ook omdat de situatie hier is veranderd. We zaten op onze locatie eerst wat landelijker. Toen werden er gewoon dieren over het hek gegooid en kippen losgelaten.”
Maar een kinderboerderij heeft echt niet altijd behoefte aan meer dieren. “Als ze hier konijnen loslaten, ik noem maar een mannetje en een vrouwtje, dan weet jij ook wel wat er gebeurt. Ze zijn niet makkelijk te pakken, dan krijg je wilde konijnen hier.”
Reitsma heeft vreemde taferelen meegemaakt. “We hebben wel gehad dat hier op een zondag overdag een auto kwam. De kofferbak ging open en er vlogen twintig duiven uit. Ik dacht: had dat even gezegd, dan hadden we ze in een hokje gedaan. Het is moeilijk om die vogels te pakken.”
Stinkdieren voor het hek
Maar het gekste verhaal is misschien wel dat er eens op een ochtend een kistje met stinkdieren voor het hek stond. “Het was donker, ik pakte het kistje eraf. Ik dacht eerst aan een paar konijnen of zo. Maar het stonk wel heel erg.” Het bleken stinkdieren te zijn. “Normaal gesproken worden de klieren eruit gehaald, maar dat was hier niet zo.”
Deze stinkdieren zijn daarna naar een dierenasiel verhuisd. “We hadden er ook geen hok voor. We moesten er maar een oplossing voor zoeken. Red je er maar mee, dat is dan het verhaal.”
Het dumpen van dieren is ook strafbaar, daarom blijft de oproep: zoek hulp bij gespecialiseerde dierenopvangen. Zij kunnen dieren ook de zorg bieden die ze nodig hebben.
Bron: Omrop Fryslân



